home | projecten | lezingen | bureau | contact |
Vorige | | Volgende

NATUURKRACHT Eemsdelta
Schetsen voor de Nationale Omgevingsvisie (NOVI), Regio van de Toekomst, 2019

In Regio van de Toekomst onderzochten zes ontwerpteams in vier regio's de ruimtelijke consequenties van actuele opgaven. Ruut van Paridon was samen met Abe Veenstra teamcaptain van de regio Eemsdelta. Hier stonden de opgaven rond de ontwikkeling van het energie-chemie-industriecluster, de versterking van de Waddenzee en leefbaarheid van de dorpen centraal.

Onder het motto ‘natuurkracht’ wordt de veelzijdigheid van de natuur als nieuwe, stuwende en verbindende kracht voor de ontwikkeling van een duurzame, gezonde, leefbare regio onder de aandacht gebracht.

Er is een nieuw perspectief nodig voor de regio, waarbij de grote opgaven op het gebied van klimaat, energie en industrie zich verzoenen met het natuur van de Waddenzee, de bijzondere landschappelijke kwaliteiten, de leefbaarheid en de kleine schaal van de dorpen.

Een perspectief waarbij de regio en haar bewoners werkelijk gaan meeprofiteren: de Eems-delta niet langer een wingewest maar als winstgebied voor Groningen. Er is ruimte voor nieuwe ontwikkeling, maar dan wel op basis van wederzijds profijt.
Dat vraagt om een gezamenlijk verhaal; een verhaal waar economie en ecologie niet met de ruggen tegen elkaar staan, maar juist nieuwe verbindingen met elkaar aan gaan en elkaar versterken. Ecologie en economie vormen samen nieuwe landschappen en perspectieven.
  

 

 

Regio Eemsdelta als 'groen stopcontract'

De basis voor de regionale ontwikkeling ligt in het ecologisch herstel van het estuarium. De recente geschiedenis laat een proces van buitensluiten van de dynamiek en verkleining van het estuarium zien; met allerlei problemen als gevolg.

Met ‘ruimte voor het estuarium’ wordt de harde grens tussen land en water, tussen binnen-en buitendijks wordt waar mogelijk geslecht. Dit biedt kansen voor versterking van het Wadden-ecosysteem, maar ook voor nieuwe vormen van landbouw, recreatie en slibwinning. Een krachtige natuur biedt weer kansen voor de landschappelijke inbedding van het energie-chemie-industriecluster. De regio richt zich hiermee (opnieuw) naar het water als nieuwe levensbron: van problematische achterkant naar kansrijke voorkant.   

 

 

Drie leidende ruimtelijke principes voor de ontwikkeling van de regio.

Natuurkracht is ook belevingskracht. De versterking van de natuur zal de aantrekkingskracht van deze regio versterken. Als poort naar de Waddenzee, maar ook als gebied op zichzelf.  Hier in de Eems-Dollard is het interessant om juist de combinatie van én de contrasten tussen economie en ecologie tot bijzondere ervaringen te maken. Wadlopen tussen krachtig, draaiende windmolens in een dynamisch veranderende zee met zelf oogstbare zeewieren, mossels (op de voet van windmolens) en langs zwemmende zeehonden; fietsen door groene chemiecomplexen en kleine dorpjes, buiten zwemmen in een rest-warmtebron; de ultieme stilte en duisternis naast levendige, vitale werkgebieden.

Het verbeteren, beleefbaar en toegankelijk maken van de unieke kwaliteiten van dit gebied is daarbij van belang, steeds zoekend naar ultieme belevingen én kruisverbanden met de lokale economie. Daarmee kan de regio zich gaan onderscheiden, als een bestemming voor zowel rust en ruimte zoekende bezoekers, actieve ontdekkers, eco-toeristen, ‘instagrammers’, etc. Dit biedt kansen voor een nieuwe gastvrije economie, waarbij de beleving van het  Werelderfgoed en de kracht van dit nieuwe natuurlandschap centraal staat.   

Vitale dorpen: ‘Van Paridon en Veenstra stellen dat om transities voor elkaar te krijgen, de dorpelingen moeten worden meegenomen. Die moeten verlangen krijgen naar de veranderingen die op stapel staan. Dat doe je, aldus het team, door hun zekerheid te geven in de onzekere omstandigheden die transitiepaden kenmerkt. Bijvoorbeeld de garantie dat het voortbestaan van het dorp niet in het geding is en dat eigendommen hun waarde behouden. Voor de Eemsdelta is die zekerheid vertaald in een ruimtelijke bouwsteen: een bufferzone tussen de grootschalige industrie en het dorp Oudeschip, een ‘dorpsterritorium’ dat bewoners zelf mogen inrichten. Tegelijkertijd buffer, publieke plek en identiteitsdrager van het dorp.' (tekst: Marieke Berkers, Blauwe Kamer 1, 2019)


type ruimtelijk strategische onderzoek, integrale visievorming
opdrachtgever NOVI
ism Abe Veenstra, Frank Gorissen, Joa van Maaren, Jolanda de Jong Marcel van der Schuur, Remco van der Togt, Yerun Karabey
datum 2019
verwante projecten IABR–PROJECTATELIER GRONINGEN 2016 / ONDERDENDAM, DUURZAAM & VEILIG / DUURZAAM WATERVEILIG IJsselmuiden - Polder de Koekoek /


Vorige | | Volgende